Copy
Nieuwsbrief december 2016

Beste joop

Meer dan beeldkwaliteit 

Bijna iedere gemeente in Nederland werkt nu met beeldkwaliteit (ook wel resultaat gestuurd beheer genoemd) voor het onderhoud van de openbare buitenruimte. Maar werkt het ook echt? Het antwoord daarop is niet eenduidig te geven. Het succes is afhankelijk van vele factoren. In dit artikel gaan we in op het onderdeel werkopdracht. We willen u inspireren met betrekking tot het gebruik van de beeldsystematiek en de kansen die er liggen.

Met werkopdracht bedoelen we in dit artikel de opdracht, de werkomschrijving, het bestek en dergelijke voor het onderhoud van de openbare ruimte. Soms integraal soms gesplitst naar specifieke taken of onderdelen. Onze ervaringen zijn zeer uiteenlopend. Een van de meest opvallende zaken is dat er te gemakkelijk van uitgegaan wordt dat er een goede werkopdracht is gegeven.

Vaak blijkt dat niet alle onderdelen van het inkoopproces voldoende zijn geborgd of er niet voldoende stil gestaan is bij de consequentie van bepaalde keuzes. Vakkennis ontbreekt te vaak bij inkoop.

 

We nemen u mee in verschillende voorbeelden:


Het eerste voorbeeld zijn de schaalbalken die worden gekozen uit de Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte van de CROW (KOR), zonder dat er voldoende bij stil wordt gestaan of deze schaalbalken gebruikt moet worden. Een bijvoorbeeld hiervan is scheefstand putkop. Waar in dit geval aan voorbij wordt gegaan zijn de praktijk en de kosten. Als men een dergelijke schaalbalk kiest en als opdracht wegzet is het goed te realiseren wat er gevraagd wordt aan de uitvoerende partij en de toezichthouder. Een dergelijke schaalbalk is eigenlijk niet bedoeld voor een werkopdracht maar bedoelt om beleidsmatig te meten. Je wilt dan graag weten hoe een en ander er bij ligt, wat de omvang is en wat er aan gedaan kan of moet worden. 


Het tweede voorbeeld is de ervaring met van toepassing verklaarde schaalbalken, welke in de praktijk niet uitvoerbaar blijken te zijn (zowel voor de opdrachtnemer als de toezichthouder niet). Vaak zie je in dit soort gevallen dat de normen onduidelijk, niet te meten of onvoldoende gekwantificeerd zijn. Een aardig voorbeeld hiervan is gemiddelde lengte overgroei. In de praktijk blijkt dat niemand deze echt objectief kan meten. Ook bijvoorbeeld de schaalbalk boompalen, hierbij gaat het in de norm over “voldoende steun aan een boom”. Een dergelijk norm past meer bij een beleidsuitgangspunt dan bij een objectieve norm. 

 

Een variant hierop is het derde voorbeeld. Er worden schaalbalken gekozen die in de uitvoering werk vragen (anders voldoet het niet aan de norm) maar in de praktijk weinig invloed hebben op de totale kwaliteit van de openbare ruimte. De schaallat overgroei heesters gazon is hier zo’n voorbeeld van, door de toepassing en de normen moet de uitvoerende partij de randen gaan snoeien. Dit kost tijd en geld. Het eindbeeld: geknipte kanten langs gazons, een onnatuurlijk beeld. Uit de praktijk blijkt dat niemand het erg vind als de heesters over het gazon groeien, mits er geen onveilige situaties ontstaan. Er is dus letterlijk geld te verdienen door zorgvuldig te kijken naar wat er op beeldkwaliteit onderhouden moet worden. 

 

Daarnaast constateren we ook regelmatig tegen dat er wel een keuze is gemaakt en vastgesteld voor een gewenste beeldkwaliteit maar geen werkopdracht of eigen beeldkwaliteitcatalogus is gemaakt naar de uitvoerende partij. Hierdoor ontstaan vreemde situaties. Het college en de beheerder hebben afspraken gemaakt maar de uitvoerende partij weet de inhoud van zijn opdracht niet en kent de normen niet. Het gevaar is onvrede richting de eigen dienst over de behaalde resultaten zonder dat de opdracht duidelijk afgebakend is. 

 

Het gebrek aan kennis is het vijfde voorbeeld dat we willen geven. Wat we tegen komen is dat een toezichthouder wel toezicht moet houden maar niet maandelijks meet, danwel niet weet hoe hij moet meten. Of de uitvoerende partij heeft bijvoorbeeld geen opleiding gehad in beeldgericht werken maar moet dit wel doen. Een beheerder die veronderstelt dat alles goed geregeld is maar niet op de hoogte is van normen, eisen en verplichtingen. En zo zijn er helaas nog meer varianten op te noemen. 

 

Tot slot het zesde en laatste voorbeeld dat we willen noemen: een organisatie welke alles goed voor elkaar heeft behalve de meetmethodiek. Wat wij tegenkomen is dat zaken niet gemeten worden, er verkeerd of juist heel subjectief gemeten wordt. Het risico hiervan is dat de resultaten van de meting op papier een andere weergave laten zien dan de werkelijkheid. En wat eenmaal op papier staat wordt vaak beschouwd als waarheid.

 

Vanwaar nu deze uit uiteenzetting van verschillende voorbeelden? We willen niet wijzen en vertellen wat er allemaal niet goed gaat. Dat lijkt na het lezen van het eerste deel misschien wel zo. 

Integendeel, we willen u inzage geven in echte praktijksituaties. Waarom? We willen hiermee aangeven dat een beeldbestek niet een kwestie is van schaalbalken of bestekposten kiezen en vastleggen van kwaliteit. Nee, beheer op beeldkwaliteit vraagt om zorgvuldige afwegingen en (inkoop)proces.

Wij constateren dat als dit ergens in de organisatie niet op orde is er druk of onvrede ontstaat in de organisatie. Onbegrip waarom de afgesproken kwaliteit niet wordt gehaald en verkeerde conclusie worden getrokken. Er zijn helaas meerdere voorbeelden van situaties waar de onvrede binnen de organisatie heeft geleid tot drastische veranderingen, zoals stoppen met beeldbestek, uitbesteden, contract beëindiging, juridische conflicten en wat al niet meer.

 

Buitengewoon heeft op basis van deze ervaringen andere besteksvormen gemaakt, schaalbalken van de CROW verfijnt en een eigen meetmethodiek ontwikkeld (overzichtelijker). Dit hebben we gedaan vanuit onze passie voor beheer van de openbare ruimte. Wij willen dat de theorie aansluit bij de praktijk. Dat van beleid tot uitvoering dezelfde verwachtingen leven. 

Het gaat dan ook om het durven maken van aanpassingen. Durf te leren van elkaar en vertaal dit concreet in beleid, bestek of uitvoering. Durf duidelijk te kiezen welke werkzaamheden er in beeldkwaliteit gezet worden en welke gewoon in een frequentie blijven staan. Zorg dat de toezichthouder voldoende is opgeleid en goed meet en dat iedereen hetzelfde meet.

Terugblik Nationaal congres Openbare Ruimte

Op donderdag 24 november 2016 vond de vierde editie van het Nationaal Congres Beheer Openbare Ruimte (NCBOR 2016) plaats in het World Trade Center in Rotterdam. Ruim 300 professionals van zowel overheden als bedrijven beleefden deze dag vol ontmoetingen, kennis en nieuwe inzichten. Centraal stond het thema 'Beheer, de stuwende kracht’.

Linda Molenaar, directeur Stadsbeheer Rotterdam, gaf aan wat het belang is van goed beheer en wat dat kan betekenen voor de stad. ‘Beheer is het nieuwe ontwerpen’. Integraal werken is de rode draad met de focus om samen aan de slag te gaan, en verder te kijken dan je eigen afdeling. Paul de Beijer, Hoofd Asset Management van Havenbedrijf Rotterdam N.V. is zeer enthousiast over assetmanagement: “Met deze methodiek kun je echt het verschil maken. Het geeft je middelen in handen om de overstap te maken van curatief naar preventief beheer.” Jaap Meindersma is directeur Stadsbeheer Almere. Als directeur van Stadsbeheer in Almere maakt hij de dagelijkse praktijk van beheer in de openbare ruimte van dichtbij mee. Hij ziet dan ook hoe belangrijk het werk is voor de samenleving. Jaap benoemt kansen vanuit het beheer. Deze sluiten naadloos aan op genoemde kracht van beheer door Linda en Paul.

De rode draad van de dag: Beheer van de openbare ruimte is de maatschappelijke motor voor het sociale en fysieke domein, verbinder van partners en bedrijfsleven en de aanjager van veranderingen ten gunste van beleving, sociale cohesie en kostenbeheersing.

Oscar Mulder
Telefoon: 06 19 013 885
oscar@buitengewoonadviseurs.nl
Charlotte van der Hulst
Telefoon: 06 19 422 187
charlotte@buitengewoonadviseurs.nl
 
Copyright © 2016 Buitengewoon Adviseurs, All rights reserved.


Wilt u zich afmelden? Klik dan op de volgende link: afmelden

Email Marketing Powered by Mailchimp